Drijfvermogen

Illustratie drijfvermogen

In de wetenschap is drijfvermogen of opwaartse kracht, een opwaartse kracht uitgeoefend door een vloeistof die het gewicht van een ondergedompeld object verzet. In een vloeistofkolom neemt de druk toe met de diepte als gevolg van het gewicht van de overliggende vloeistof. Zo is de druk op de bodem van een kolom van vloeistof groter aan de bovenkant van de kolom. Evenzo is de druk aan de onderzijde van een voorwerp ondergedompeld in een vloeistof groter aan de bovenkant van het voorwerp. Dit drukverschil resulteert in een netto opwaartse kracht op het object. De omvang van die uitoefening is evenredig met het drukverschil, en (zoals uitgelegd door Archimedes 'principe) gelijk aan het gewicht van de vloeistof die het volume van het object anders zou bezetten, d.w.z. de verplaatsde vloeistof.

Om deze reden is een object waarvan de dichtheid groter is dan die van de vloeistof waarin het ondergedompeld is, geneigd te zinken. Als het voorwerp ofwel minder dicht is dan de vloeistof of op een juiste manier is gevormd (zoals in een boot), kan de kracht het voorwerp op drijvend houden. Dit kan alleen gebeuren in een referentiekader dat ofwel een zwaartekrachtveld heeft of versnelt door een andere kracht dan de zwaartekracht die een "neerwaartse" richting definieert (dat wil zeggen een niet-inertiële referentiekader). In een situatie van vloeistofstatica is de netto opwaartse drijfkracht gelijk aan de grootte van het gewicht van vloeistof dat door het lichaam wordt verplaatst.

Bron: WikiPedia Buoyancy vertaalt naar het Nederlands.

zoek resultaten

1 Links naar andere pagina's: Drijfvermogen

  1. Nanonbellen zijn gasgevulde holtes in water. Het contactgebied tussen bubbels in water gevuld met kleine bubbels is veel groter dan water gevuld met grotere bubbels. De gasdruk in een kleine bubbel is hoger dan in een grote bubbel, daarom is ook de oppervlaktespanning van een kleine bubbel hoger.